Streekmuseum ’t Steenhuus heeft een complete bedstedewand in haar pronkkamer

Een bedstede of bedstee is een in de wandbetimmering opgenomen slaapplaats in de vorm van een kast, die je kunt afsluiten met twee deuren. Onder het bed zit een bergruimte, waarin vaak wintervoorraad als aardappels werd opgeslagen.

Een bedstedewand had meestal de volgende indeling: twee bedsteden links en rechts met daartussen een servieskast en/of een inloopkast. Streekmuseum ’t Steenhuus heeft zo'n complete bedstedewand in haar pronkkamer.

Bedsteden waren te kort om er gestrekt in te kunnen liggen. Men sliep half zittend. Niet zozeer omdat mensen vroeger kleiner waren, maar omdat men geloofde dat bij een volledig gestrekte lighouding al het bloed naar je hoofd zou lopen. Met het risico dat je nooit meer wakker werd. Bovendien riep de houding teveel onaangename associaties op met een opgebaarde overledene.

Aan het voeteneind zat aan de wand een beddenplank waarop onder andere de po stond voor nachtelijk gebruik. Boven het bed, bevestigd aan het plafond, hing een koord –vaak met een kwast– waaraan men zich kon optrekken. Dit wordt een beddenkwast, troetel of beddenlichter genoemd.

Hoge resolutiefoto's Download object

Deze pagina delen facebook twitter pinterest Embed